S4E12 — Human Design is voor wie zichzelf (nog) niet (voldoende) vertrouwt

Door Daisy De Boevere

Human Design certified professional ♥︎ Gene Keys gids ♥︎ Aandachtsgericht therapeut

06/07/2025

Dit is een transcriptie van de gelijknamige podcast-aflevering. Beluister de podcast hier.
Deze aflevering maakt deel uit van de eerste vier seizoenen van de podcast (2022 – begin 2026) — een periode waarin ik volop in mijn eigen proces zat. Wat je hier hoort, is geen afgewerkt perspectief, maar een mens in beweging. Ik sta vandaag niet meer achter alle inzichten en formuleringen uit die tijd, en dat is precies de bedoeling van zo’n proces. Zie deze afleveringen als een archief van een hoofdstuk dat geïntegreerd en afgerond is. Vanaf seizoen 5 verschuift de toon naar mijn huidige kritische visie op Human Design. Welkom — waar je ook instapt.

Ik luisterde onlangs naar een van de podcast-afleveringen van mijn tantra-mentor, Chandresh Bhardwaj, over het transcenderen van persoonlijkheid en het onthechten van the mind. Daarin zei hij — en ik parafraseer: “We zijn veel meer dan een persoonlijkheid en een mind. Bewustzijn heeft geen persoonlijkheid. Bewustzijn heeft ook geen mind. Het zijn slechts maskers waardoorheen we het mens zijn kunnen ervaren. Maar als we ons eraan hechten of ons ermee identificeren, dan komen we in de problemen en missen we bewustzijn en waarheid.”

Nu, het zijn van die typisch non-duale uitspraken natuurlijk, die ook vaak mis begrepen worden. Dit soort dingen kan je met de mind niet echt begrijpen, want de mind vervalt al snel in dogma of spiritual bypassing. Maar laat ik toch een poging wagen, want ja, ik wil een link leggen met mijn ervaring van wat Human Design doet.

Het waarnemend bewustzijn

Bewustzijn is niet hetzelfde als Persoonlijkheid en mind. Je kan de Persoonlijkheid — jouw verhaal, voorkeuren, gedragspatronen — en de mind — gedachten, overtuigingen, analyses — wel waarnemen, dat wel.

En dat impliceert dat er iets is dat voorafgaat aan Persoonlijkheid en mind. Het waarnemend bewustzijn zelf. De mind en Persoonlijkheid zijn slechts uitdrukkingen van dat bewustzijn. Maar ze zijn niet dat bewustzijn. En wanneer we ons hechten aan die Persoonlijkheid en mind, dan creëert dit lijden. Omdat je dan denkt dat je bent wat je denkt of hoe je reageert, in plaats van dat je de ruimte bent waarin dat alles verschijnt.

In diepe contemplatie, meditatie of tantrische ervaringen — en ik verwijs hier even naar mijn beoefening van tantra-meditatie — kun je momenten van puur “zijn” beleven, waarin de persoonlijkheid even lijkt op te lossen. En dat voelt, voor mij althans, als thuiskomen in iets groters en vrijers dan dat zelfbeeld. Volgens mij is dat ook precies wat Ra bedoelde met Passagiersbewust-zijn.

En ik heb hier het spreekwoordelijke koppelteken geplaatst omdat het om een “zijn” gaat. Geen ding of iets wat je doet. Maar diezelfde begrippen en concepten leiden vaak ook tot waar het dan misloopt in je onthechten van de mind. Dat klinkt eenvoudig, maar het kan verkeerd begrepen worden als je tegen je mind gaat vechten, terwijl het juist de strijd tegen je mind is die veel mentale pijn en lijden veroorzaakt.

Er is niets mis met de mind. Het doet gewoon zijn ding. Waar het misloopt is dat we ons vereenzelvigen met wat de mind denkt, dat we ons ermee identificeren en het voor waarheid aannemen. Ons eraan hechten dus, alsof we de mind zijn.

Ook het transcenderen van Persoonlijkheid wil niet zeggen dat je moet stoppen met mens zijn of je identiteit moet wegvagen. De valkuil is spiritueel perfectionisme of ontmenselijking. Bijvoorbeeld, als in: ik moet leeg, stil en onpersoonlijk of onaanraakbaar worden. Dan verlies je eigenlijk alle verbinding, alle empathie, alles wat jou mens en levend maakt. Dat kan ook niet de bedoeling zijn.

De mind als instrument

Persoonlijkheid en mind zijn middelen, instrumenten, spelvormen. Ze zijn tijdelijk, vergankelijk, veranderlijk en precies daarin ligt hun schoonheid. Je bent er niet van afgescheiden. Je bent er alleen niet door beperkt.

Wat als het niet gaat om ertegen vechten, het afwijzen of overstijgen, maar om het te doorzien en vrij te maken, als het ware. We hoeven de Persoonlijkheid niet uit te wissen of zonder Persoonlijkheid te zijn. We hoeven the mind niet stil te leggen of leeg te maken. We mogen ze ook gewoon doorzichtig maken; er doorheen prikken. Ze zien voor wat ze zijn: slechts aspecten en instrumenten waardoorheen we ons mens zijn ervaren. Meer niet.

In dat geval worden ze niet langer een gevangenis, maar een soort doorgeefluik. Dan ben je geen slachtoffer meer van je gedachten of identiteit, maar ga je er mee dansen. Net zoals je ook een cello kan vastnemen om jouw muziek erdoorheen laten klinken, als het ware. Als bewustzijn bespeel je het instrument, niet andersom.

In sommige spirituele tradities word er zelfs verwezen naar de mind en de Persoonlijkheid als het “kleine zelf,” of soms het “lagere zelf,” om te verwijzen naar die diepere laag van ervaring waarin je ziet dat je bewustzijn bent en dat alles wat daarin verschijnt, inclusief de persoon “Daisy”,” in mijn geval, slechts een tijdelijke verschijningsvorm is. En die tijdelijke verschijningsvorm is dan het kleine zelf, terwijl er iets veel groters aan het werk is doorheen dat kleine zelf. En de valkuil zit er natuurlijk in dat mensen dan gaan denken: oei, dan mag ik geen persoonlijkheid of gedachten meer hebben. Of erger nog: oei, ik moet mezelf afbreken of uitwissen om spiritueel te zijn.

Nope.
Je hoeft alleen te beseffen dat je ruimer bent dan alles wat je denkt of dacht te zijn.
En wat dan hè?
Dan kan je met de Persoonlijkheid spelen, met mind filosoferen en met het leven dansen zonder dat je jezelf ooit nog hoeft te verliezen.

Het nut van Human Design

Maar wat is dan het nut van Human Design?
Want ja, we weten dat de Human Design-grafiek symbool staat voor een kwantum van enerzijds het Design, het Voertuig of lichaam. En anderzijds de Persoonlijkheid, de mind, wie we denken dat we zijn of ons kleine zelf.

Dus hoe meer ik met deze vraag ga zitten — wat is het nut van Human Design, als je dit weet? — hoe meer ik zie dat daar een heuse paradox in verstopt zit. Want Human Design claimt jou de weg te wijzen naar het Passagiersbewustzijn, alhoewel veel mensen dat uit het oog lijken te zijn verloren in hun benadering van Human Design. Maar het werkt tegelijk met iets dat verdacht veel lijkt op een spirituele persoonlijkheidskaart of een soort identificatiesysteem.

Human Design lat ons zien hoe ons vormprincipe — ook zo’n leuke term van Ra — functioneert, aka, het voertuig waarmee je door het leven reist. Biologie, je energetische bedrading, je conditionering, je triggers, je gevoeligheden. Hierin nemen we mee in de vergelijking: de mind, want dat is een aspect van het voertuig en het bewustzijn staat daar buiten.

Het Passagiersbewustzijn is niet de mind, maar wat zich achter de mind bevindt. Maar jij bent niet dat vormprincipe. Je bent niet het Design en ook niet de Persoonlijkheid. Je bent het bewustzijn erachter. De Passagier die meerijdt met dit vormprincipe dat een geometrische lijn volgt in tijd en ruimte, in een universum van schijnbare afgescheidenheid.

Dus het nut van de grafiek is niet om je te vertellen wie je bent, maar om te laten zien wie je niet bent. En dan bedoel ik niet het niet-zelf dat Ra aanhaalde, maar alles.

Niet je design leven, maar getuige zijn

Je bent niet je Design, je bent niet je Persoonlijkheid en ook niet de kwantum van beide samen.
Je bent niet hier om je design te leven. Je bent hier om getuige te zijn van jouw design dat geleefd wordt.
En je hoeft je chart niet te worden. Je hoeft haar alleen te leren waarnemen zonder ermee te vechten, zonder je ermee te identificeren.

En toch… het ego, de mind, kan het niet laten om er iets anders mee te doen.
“Ik ben 5/1, dus ik moet afstand houden.”
“Ik ben een Projector, dus ik mag niets doen zonder uitnodiging.”
“Ik heb poort 22, dus ik ben nu eenmaal emotioneel dramatisch,” enzoverder.

Zie je het patroon?
De mind gaat meteen met het systeem ervandoor en maakt er een nieuw ego-kleedje van. Een Human Design-persoonlijkheid zeg maar. En ja, dat, dat is niet per se verkeerd, maar het is ook niet waarachtig. Het is een een fase, een gebruikelijke menselijke fase op het pad van deconditionering. Maar ook die fase zullen we moeten loslaten om waarachtig te zijn.

De mind heeft slechts beperkt zicht en ziet niet het grotere plaatje, want de mind is slechts een middel waardoorheen bewustzijn zichzelf kan waarnemen. Om het gehele plaatje te hebben moeten we voorbijgaan aan de mind naar de ruimte erachter. De plek waar woorden en taal ook tekortschieten, maar waar wel waarachtigheid leeft.

Human Design kan enigszins wel nog helpen, denk ik, om oude gehechtheden te doorzien, wie je dacht te moeten zijn of conditioneringen, patronen te herkennen en ruimte te creëren en de mechanica van je voertuig te omarmen zonder oordeel.

Maar… dit komt met een grote maar.
Als Human Design je vervolgens een nieuwe persoonlijkheid of idee van wie je bent doet aanmeten, ja, dan zit je weer in hetzelfde schuitje. De bedoeling van deconditionering is loslaten, niet nieuwe laagjes er bovenop gaan leggen. Dus Human Design zou an sich nog altijd moeten uitmonden in het besef dat jij niet bent wat jouw grafiek je laat zien. Het helpt je alleen om oude gehechtheid en conditionering te doorzien en daar los van te komen. Maar vervolgens moet je dan ook de grafiek gaan loslaten, anders schiet het zijn bedoeling volledig voorbij.

Het systeem ontgroeid

En dat is waarom Human Design het afgelopen jaar bij mij steeds meer begon te schuren. Ik raak het systeem stilaan ontgroeid. Ik merk dat ik mijn grafiek niet langer nodig heb om waarachtig te zijn wie ik ben. De illusie is stilaan doorprikt, waardoor loslaten geen oefening meer is, maar een manier van zijn.

Ik ben immers de ruimte achter het design, de leegte waaruit alles stroomt, de stilte die geen type of definitie kent. Dus je Human Design-grafiek is als een handleiding voor een magisch voertuig, zou je kunnen zeggen. Leuk om even te lezen, handig om je rit wat soepeler te maken, maar het echte bewustzijn zit op de achterbank te glimlachen en weet: ik ben niet deze auto. Ik zit er gewoon in voor een joyride.

Dus we weten vanuit Human Design dat we een Design hebben, afgebeeld in rood of roze in de grafiek. En dat zijn de ankerpunten die ons — voor de mind dan — onbewuste voorkeuren van het lichaam laten zien. Onze instincten, natuurlijk ritme, energieverwerking, enzoverder. Het Design weet gewoon hoe het wil leven zonder verhaal, zonder zelfbeeld, gewoon mechanisch, precies, betrouwbaar.
En het is de kant van onze beleving als mens dat geen woorden nodig heeft. Ze is gewoon wat ze is en doet haar ding. Los van wat de Persoonlijkheid, de mind of het kleine zelf wil of verwacht.

En dan hebben we aan de andere kant die Persoonlijkheid in het zwart. De mind, het masker, wie we denken dat we zijn, dat kleine zelf dat denkt aan het stuur te zitten en de waarheid denkt te kennen. Dit zijn onze gedachten, ons verhaal over onszelf en de wereld, ons zelfbeeld. Het is de laag die in staat is tot reflectie, die nadenkt en probeert te begrijpen en die zich identificeert. En het is ook de laag die zegt: “Ik ben een 5/1. Ik ben intuïtief, Ik hou van mensen, Ik ben speciaal, ik ben beschadigd. Ik moet beter mijn best doen.”

De persoonlijkheid is de kant die denkt dat ze aan het stuur zit, maar dat is dus niet zo. Dus samen vormen ze het kwantum.
Een persoonlijkheid in een design, een mind in een lichaam. Of beter: het lichaam brengt de mind voort als een soort venster voor bewustzijn, om doorheen te kijken en zichzelf te kunnen waarnemen, voelen, zien, ervaren enzoverder. Maar we zijn geen van beiden. We zijn de Passagier, het bewustzijn achter de kwantum. Of beter: we zijn de ruimte waarin Design en Persoonlijkheid verschijnen.

Bewustzijn is niet de Persoonlijkheid. Bewustzijn is wat waarneemt dat er een Persoonlijkheid is of lijkt te zijn.
En hier komt dan de subtiele nuance.

De grafiek is niet wie je werkelijk bent

Dus de grafiek toont niet wie je werkelijk bent. Ze toont ook niet wie je moet zijn. Ze toont een interface: hoe bewustzijn via dit lichaam en deze mind door het leven reist. Het is dus geen blauwdruk van jouw Zelf met hoofdletter “Z”, maar een soort GPS-configuratie van deze tijdelijke incarnatie. Zowel Design als Persoonlijkheid hebben hun rol in dit toneelstuk, maar jij hoeft je met geen van beiden te identificeren.

En ja, de Persoonlijkheid is een projectie, maar daarom is ze natuurlijk niet waardeloos. Ze is een filter waardoor bewustzijn zichzelf beleeft, zoals een prisma dat wit licht breekt in kleuren. Dus laat je mind zijn verhaal vertellen. Laat je lichaam zijn weg volgen. Maar herinner je steeds weer: Ik ben niet wat ik denk. Ik ben niet wat ik voel. Ik ben het bewustzijn dat alles waarneemt.

Daar ligt de vrijheid.
En Human Design is slechts een een kaart, geen bestemming.

Dus ja, waarom voelt een grafiek voor veel mensen intussen meer als een soort valkuil dan als bevrijding?
Wel, omdat de mind/het ego zekerheid wil. En Human Design lijkt daarin een perfect antwoord te bieden: “Jij bent zo, dit is jouw autoriteit, dit zijn je gaven.”

Maar datzelfde ego gaat er dan ook meteen verstoppertje mee spelen.
Het maakt van een mogelijk bevrijdend inzicht een nieuwe spirituele identiteit.

De grafiek benoemt de mechanica.
Maar wie erin verstrikt raakt, denkt: oei, ik mag niets doen buiten mijn eigen Strategie?
Of: oei, ik heb een open mind, dus ik moet oppassen.
Of: oei, mijn relatie kan niet werken, want we hebben te veel compromitterende kanalen.
Enzoverder.

Weg vrijheid. Hallo controlezucht, vermomd als ontwaken.
Ook omdat de grafiek bevestigt waar je al aan gehecht was. Je vindt herkenning en voelt je gezien.
Maar dat is ook hoe de mind zich opnieuw verankert.
“Zie je wel, dit klopt” of “zie je wel, ik ben nu echt uniek.”

Door de grafiek stoppen we vaak met vragen stellen en onze mind open houden. We denken immers dat we de bestemming kennen: onze grafiek leven. Maar dan gaan we volledig voorbij aan de bedoeling van Human Design, namelijk: ons bewust worden van wie we werkelijk zijn. De Passagier. Het bewustzijn achter de kwantum.

Dus ja, kom ik telkens weer terug bij deze vraag:
Waarom zouden we dan toch een grafiek willen hebben of kennen?
Ik denk dat het enige nut van een grafiek hebben of willen kennen, is dat we in de juiste context het spel daardoor kunnen doorzien.

De grafiek is er niet om ons te beperken, maar om te herkennen.
“Aha, dit is dus conditionering” of “wow, dat gedrag is dus gewoon een patroon, geen persoonlijk falen.”
Of: “oké, ik hoef dit dit dus niet te fixen, ik mag het gewoon waarnemen.”
Of ook: “aha, mijn systeem heeft dus zijn eigen intelligentie. Cool! Ja, dan hoef ik mijn leven dus niet te managen vanuit die niet-zelf wilskracht.”

Jouw grafiek wordt dan geen dogma, maar een deconditioneringskaart. Een soort reflectie-tool om je innerlijke autonomie te herontdekken. Niet om meer te weten, maar net om meer los te laten.

Voorbij het nut van Human Design

En dan kom ik op het volgende punt, wat ik nu juist zelf al een tijdje ervaar.
Uiteindelijk gaat de grafiek jou ook tegenwerken als je zonder grafiek al verbonden bent met je lichaam. Als je helder je conditioneringen begint te herkennen en als je moeiteloos de mind als mind kunt zien, ja, dan heb je Human Design eigenlijk niet meer nodig. Dan ben je er voorbij gegroeid. Niet omdat het slecht is of zo, maar omdat je het instrument niet meer nodig hebt om de muziek te horen. Of zoals een wandelstok: nuttig op de berg, maar je blijft er niet voor altijd mee lopen.

De grafiek is alleen nuttig als je nog een herinnering nodig hebt van je natuurlijke ritme, je inherente intuïtie, het herkennen van je energetische flow, enzoverder, enzovoort. Maar zodra je weer één bent met je ritme, met je aanwezigheid, met je waarnemend bewustzijn, dan is de grafiek gewoon een oud kaartje in je jaszak. Nostalgisch misschien, maar niet langer je kompas.

Je leeft dan geen design meer. Je leeft het leven zonder handleiding nodig te hebben en hopelijk met een grote glimlach, omdat je de grote illusie doorprikt. En dan begint de grafiek als een veel te nauw jasje te voelen. En dan gaat de grafiek jou eerder verstikken dan bevrijden. Dan gaat je design een obstakel vormen, terwijl de weg er eigenlijk al lang aan voorbij is.

Dus die honger om te weten of je een Projector, een Generator, Manifestor of Reflector bent, is bijna altijd een zoektocht naar bevestiging, in mijn ervaring. En dat is echt helemaal menselijk. Het is oké, maar ook het is een valkuil in een mooi papiertje met een strikje errond.

Mensen willen vaak weten welk type ze zijn, omdat het antwoord lijkt te geven op het gevoel: “Waarom voel ik me anders dan anderen?” Of omdat het een verklaring biedt voor waarom het leven soms zo stroef loopt. Of omdat het een identiteit geeft waardoor je je eindelijk uniek en erkend voelt. Of omdat het een strategie aanreikt om het juist te kunnen doen.

En ergens is dat heus wel begrijpelijk. En zeker als je jarenlang, of misschien zelfs je leven lang, tegen je eigen natuur in hebt geleefd, tegen je wil, tegen ritme en energie in. Ja, dan kan het tijdelijk voelen als thuiskomen.
“Ah, ik ben een Generator. Daarom voel ik dus zo’n frustratie als ik iets doe tegen mijn zin.”
Of: “oh, ik ben een Projector. Ah, daarom crash ik dus als ik blijf pushen.”
Of: “aha, als Manifestor hoef ik dus geen toestemming te vragen. That makes sense. Ik ben eindelijk vrij om te doen en laten wat ik wil.”

Maar dat gevoel van erkenning is vaak stap één. Ook van de hechting, niet van de bevrijding.

Van dopamine-verslaving naar echte vrijheid

Het gevoel van herkenning werkt als een flinke dosis dopamine voor je hersenen. Je wil er alleen maar meer van. En dus ga je je hechten aan alles wat jouw positief zelfgevoel versterkt. En zie daar: een nieuwe gevangenis.

Is het dan slecht om je type of grafiek te kennen? Nee.
De valkuil is wel dat je je grafiek als een identiteit gaat beschouwen in plaats van als een tijdelijke lens. I

“Ik ben een Projector.”
→ Nee, jouw voertuig heeft misschien een projector-aura.

“Ik ben een pure 34-20. “
→ Nee, jouw energieveld werkt op die manier. Maar jijzelf bent geen kanaal of een type of een definitie. Je bent bewustzijn.

Bewustzijn heeft geen type. Geen definitie. Geen persoonlijkheid, geen mind.
Bewustzijn is pure ruimte, openheid, aanwezigheid, waarheid, God. De rest zijn slechts aspecten die tijdelijk tot uitdrukking komen via de ervaring van het mens-zijn in een illusie van afgescheidenheid.

Dus een openheid, definitie, type of eender welk aspect uit je grafiek, is slechts om te ervaren hoe het is om te leven volgens dat bepaalde ritme. Maar gooi het weg zodra het een label wordt. En als het je vrijer maakt: top! Als het je kleiner of benauwder maakt: weg ermee.

De grafiek is een richtingaanwijzer naar loslaten en onthechting, geen bestemming zelf. Het is een sleutel, geen slot. Het is een uitnodiging tot afleren, niet tot het bouwen van een nieuwe identiteit. Uiteindelijk wil je alleen nog weten of je een Projector of Generator bent, zolang je het nodig hebt om te leren vertrouwen op iets diepers dan concepten. Zodra je leeft vanuit je lichaam, ritme en aanwezigheid vertrouwen, dan maakt het label echt geen moer meer uit en ga je merken dat het label zelfs zwaar tekortschiet.

Voor wie nog niet kan vertrouwen

Dus ja, voor wie is Human Design?
Voor wie het eigen lichaam, het eigen ritme, het eigen weten nog niet als betrouwbaar durft te voelen en dus een soort van kaart nodig heeft om thuis te komen in iets wat eigenlijk nooit weg was. Dan kan Human Design misschien enigszins van nut zijn.

Maar Human Design maakt niets nieuws. Het wijst enkel naar wat er altijd al was.
Jouw gevoeligheid, jouw energiepatroon, jouw innerlijk weten, jouw behoefte aan rust, jouw behoefte aan expressie, jouw cyclische aard, jouw intuïtie, jouw inspiratie en noem maar op.

Maar omdat we geleerd hebben om dat alles te wantrouwen, projecteren we die wijsheid liever eerst op een systeem.
“Ach, ik mag dus toch langzaam gaan. Kijk maar, mijn grafiek zegt het.”

Ja, dat is ook inherent aan de huidige achtergrondfrequentie van het Kruis van Planning en het Kruis van de Maya. Maar waar we naartoe gaan is iets geheel anders waarin systemen ons niet meer zullen helpen of ondersteunen. En het is erg dichtbij, hè? Februari 2027 verandert voorgoed de onderstroom van alles wat we als vanzelfsprekend, vertrouwd en normaal hebben beschouwd. Sterker nog, zolang je Human Design nog denkt nodig te hebben om op jezelf te kunnen vertrouwen, jezelf te kunnen kennen, ben je eigenlijk niet klaar voor het Kruis van de Slapende Feniks en Penetratie, vrees ik. Loslaten van alle externe bevestiging en houvast en puur leren vertrouwen op je innerlijke weten, ritme en energie is nog nooit zo belangrijk geweest als nu.

Dus vraag jezelf af: ben ik aan het proberen vasthouden aan iets buiten mezelf, zoals Human Design, om die innerlijke reis met mezelf niet te moeten aangaan? En wat kan ik nu doen om een eerste stap te zetten richting dat innerlijk vertrouwen?

En ik wil je daar graag bij helpen waar ik maar kan. Dus reik zeker uit als je voelt dat ik daarin een helpende rol zou kunnen spelen voor je. Je bent welkom.

Van denken naar belichamen

Maar het systeem bevestigt dus eigenlijk iets wat we van binnen altijd al wisten, maar niet durfde te volgen zonder een soort van bewijs of een goedkeuring of bevestiging van buitenaf. Als je Human Design goed inzet, dan herinnert het jou aan je natuur en niet je natuur aanleren. Het bekrachtigt jou om jezelf te volgen en niet jezelf vervangen. En het ontkoppelt je van je externe autoriteit en niet een nieuwe autoriteit installeren. En het brengt je in contact met je lichaam, niet je hoofd nog voller maken. Maar ja, dat werkt alleen als je Human Design als tijdelijke brug gebruikt, niet als permanente identiteit of een vangnet.

En dan komt er een moment — bij sommigen snel en bij anderen na jaren en bij nog anderen misschien nooit — dat je voelt: ja, ik ben dit niet, ik ben geen grafiek, Ik ben geen type. Ik ben gewoon hier nu.
Dan is het werkelijke ontwaken volgens mij begonnen. Zonder systeem, zonder richtingaanwijzer. Alleen de stilte die niet uitlegbaar is, maar wel belichaamd kan worden.

Human Design is niet de waarheid. Het is een vinger die wijst naar de waarheid.
Maar die vinger… Wie die vinger blijft bestuderen, mist de maan, mist de waarheid. En dat is waar ik nu sta in de ruimte voorbij Human Design, waardoor Human Design me steeds meer gaat tegenwerken dan dat het me nog langer ondersteunt. En daar zit zit dan ook mijn integriteitsprobleem waar ik al maanden mee zit, maar waar ik niet de vinger op kon leggen. Daardoor heb ik het steeds moeilijker om het systeem door te geven ook, want het voelt niet meer oprecht omdat ik het zelf aan het ontgroeien ben.

En dus heb ik een soort van volledige herkadering nodig, lijkt het. Zodra er iets in je opstaat dat zegt: “Ik ben een Projector” of “ik ben een Generator,” ja, dan zit je weer in een vorm van exclusie, beperking en contractie.

Hier heb ik het al eerder over gehad. Dan is het bewustzijn terug gekrompen tot een vorm en dat voelt verstikkend. Want ja, wie is Projector? Wie is Generator? Het antwoord is eigenlijk: niemand. Er is geen “ik” dat werkelijk Generator is. Er is geen persoon die Projector is. Er is alleen een vorm, een voertuig met bepaalde frequenties, gevoeligheden, openingen. Maar van zodra je zegt: “Ik ben een Projector” of “ik ben een puur 43-23 individu,” dan maak je van iets mechanisch weer een identiteit. Dan glipt de vrijheid eigenlijk je vingers door.

De kooi met een vet design

En in mijn ervaring: wat mechanisch klopt, wringt net existentieel.
Human Design zegt eigenlijk: Deze geboortegegevens tonen een blauwdruk of een kaart met ankerpunten van de vorm. Maar als die vorm dan wordt vereenzelvigd met het Zelf, met hoofdletter “Z,” dan is het alsof je zegt: “Ik ben deze auto, ik ben dit voertuig,” in plaats van dat je zegt: “Ik rijd mee met de auto, met dit voertuig. En ik ben ook de lucht, het landschap, de weg en alles daartussenin.”

Als je je vereenzelvigt met de vorm en het denkende deel van de vorm, de mind dus, dan wordt Human Design geen systeem meer, maar een nieuwe kooi met een vet design misschien en mooie keynotes, maar nog steeds een kooi. Dus door een subtiele innerlijke switch te maken kan je de grafiek misschien wel enigszins voor je laten werken. Niet: “Ik ben een Projector,” bijvoorbeeld, maar wel: “mijn vorm heeft een Projector-aura.” Of: “de energie van dit lichaam beweegt als een Generator,” of: “er is hier een ervaring van het leven via een Reflector-mechaniek.”

En zelfs dat mag je weer loslaten zodra het niet meer nodig is. Want het is niet de hele waarheid. Je bent immers niet de ervaring. Je bent dat waarin alle ervaringen verschijnen en zich voordoen.

Maar Human Design is volgens mij echt wel legit. Het kan echt wel dienen als poort naar ontwaken, maar pas als je durft te zien dat geen enkel systeem, geen enkele grafiek jou kan vangen. Want daarvoor ben je te groot, te ruim, te vloeiend en te vrij.

En weer die vraag dan natuurlijk: Waarom zouden we dan überhaupt nog willen weten wat ons design is, hoe dat voertuig en die mind werkt, als je weet dat je niet het voertuig of de mind bent?

Ja, alleen zolang je je nog identificeert met een bepaald zelfbeeld, een bepaalde identiteit — je mind, je lichaam — ja, dan kan Human Design jou wel iets laten zien. Het kan je uitdagen om wat je over jezelf gelooft of voor waar hebt aangenomen, open te breken en los te laten. Het laat je dan niet de waarheid zien, maar de mechanica van de illusie. En soms, heel soms, is dat net genoeg om een scheurtje in die illusie te veroorzaken.

En als dat gebeurt, dan wordt Human Design overbodig. Of eender ander systeem. Want dan heb je doorzien: ik ben nooit de mind geweest. Ik ben nooit de design geweest. Ik ben nooit een grafiek geweest. Alles wat ik dacht dat ik was, dat ben ik niet.
En dan blijft Human Design misschien over als een curiositeit of als een reflectiekader of als een tijdelijk bruggetje, voor wie nog op zoek is of even in de war raakt.

Papegaaiende keynote-knuffelaars

Als ik naar vroege lezingen trouwens van Ra Uru Hu luister, dan hoor ik daar eigenlijk een gelijkaardige boodschap in. Ik denk echt dat hij het ook heeft gezien, doorzien, maar dat hij ergens toch nog verstrikt was of raakte in de paradox van zijn eigen voertuig. Hij downloadde als het ware iets bijzonders dat het potentieel had of heeft om mensen te bevrijden. Maar hij leefde ook vanuit overleving, ego en behoefte aan erkenning.

Hij creëerde vanuit de Openbaring van The Voice een systeem dat enerzijds deconditionering moest brengen. Ja, absoluut. Maar anderzijds ook opnieuw een mechanisme werd om je identiteit aan op te hangen. Dus een soort controlemechanisme. En voilà, dan krijg je een soort papegaaienmachine. Gecontroleerde opleidingen. Trademark verdienmodellen. Keynote-knuffelaars alom die papegaaien tot in de eeuwigheid. Een type-strategie-autoriteit patriarchaat en tsjakka: cashflow.

Dus ja, de laatste tijd is er dan ook een trend gaande, lijkt het, van steeds meer mensen die zeggen: “ja, ik heb het systeem nu wel gezien, ik heb ervan geproefd, ik heb het verteerd, ik heb het doorzien en ik heb nu echt geen behoefte meer aan de mechanica poppenkast. Ik wil ruimte maken voor het mysterie. Niet om tegen Human Design te zijn, maar om mensen eruit te begeleiden of zichzelf eruit te bevrijden.”

En nu sta ik zelf ook op dat kruispunt. Ik ben me er uit aan het bevrijden en ik onderzoek hoe ik eventueel anderen eruit of erdoorheen kan begeleiden, als een zachte gids die naar die plek vóór type, strategie en autoriteit, en het keurslijf dat de grafiek voor velen is geworden. Waar het dan niet meer om begrijpen gaat. Waar het vertrouwen eerder een anker wordt.

Dus ja, ik begin steeds meer te voelen dat Human Design niet meer zo nuttig voor me is. Al is het een langdurig en moeilijk loslaatproces van iets wat zes jaar lang op de voorgrond van mijn leven stond en waar ik ook heel wat voor heb opgeofferd en in geïnvesteerd.

Gehecht aan je bril

Dus ondanks dat het zijn betekenis voor mij steeds meer verliest, kan het misschien wel nog nuttig zijn voor diegenen die nog gevangen zitten in verwarring en voor wie ik misschien een kanaal kan zijn, of een boodschapper die jou helpt herinneren datj zoveel meer bent dan wat je grafiek vertelt en je dus niets hoef te worden. Je bent het al.

Dus ja, misschien is Human Design gewoon een bril. Maar wie helder ziet heeft geen bril meer nodig. En veel mensen in de Human Design-community zijn zo gehecht aan hun bril. Ze hangen er zelfs kettinkjes met diamantjes aan. Ze wisselen geregeld van montuur. Maar op een gegeven moment komt er bij sommigen allicht wel het besef dat ze de bril eigenlijk niet nodig hebben en hun zicht net verslechtert door de bril te willen ophouden.

En zo zijn er mensen die al heel lang in het Human Design-experiment zitten en misschien zelfs zo vergroeid zijn geraakt met die bril, dat ze niet meer kunnen afzetten. En dat is jammer. Ware innerlijke autoriteit zit volgens mij niet in de bril. Het zit in het besef dat je altijd al hebt kunnen zien.

Alleen, we denken een bril nodig te hebben om te kunnen zien. En net daardoor, als we de bril niet zien voor wat het is — slechts een tijdelijk hulpmiddeltje, zoals die zijwieltjes van je fiets, waar ik eerder al eens over vertelde — wordt dat net de vervorming van ons zicht.

Innerlijke autoriteit is volgens mij je herinneren dat je de bril niet nodig hebt en dat er dus een moment komt waarop je hem beter terug afzet. Dat moment is het moment waarop je eindelijk terug op jouw innerlijk weten vertrouwt. En dat… dat is ware autoriteit.

Vond je dit waardevol?

Je kan mijn werk vrijblijvend steunen met een donatie of fooi via Buy Me A Coffee:

0 reacties

Een reactie versturen

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *